Geschreven door: Julia Misersky
Vertaald door: Geertje van Bergen

We hebben dagelijks met gender te maken. Sociale psychologen denken zelfs dat het een van de eerste dingen is die ons aan een ander opvallen. Maar wat is gender eigenlijk? Definities van gender worden steeds diverser, maar traditioneel zijn ze gebaseerd op (binaire) verschillen tussen mannen en vrouwen. Gender en geslacht zijn nog altijd nauwverwante begrippen, en ze worden ook door elkaar heen gebruikt.

julia_author_templateGender wordt door veel mensen gevoeld als een integraal deel van onze identiteit. Het is dan ook geen verrassing dat gendergelijkheid zo’n belangrijk onderwerp is geworden in onze maatschappij. Zou de taal die we spreken invloed kunnen hebben op hoe we denken over de rol die gender speelt in onze maatschappij, zoals onze kansen op de arbeidsmarkt? Psycholinguïstisch onderzoek lijkt dit inderdaad te bevestigen!

Sinds jaar en dag wordt er al onderzoek gedaan naar de relatie tussen taal en denken. Tegenwoordig zijn de meeste onderzoekers het erover eens dat onze taal onder bepaalde omstandigheden invloed heeft op hoe we denken. Als we onze taal van dichterbij bekijken, zien we op allerlei manieren verwijzingen naar gender: denk bijvoorbeeld aan woorden als vader of vrouw. Maar onze taal bevat ook informatie over stereotypering, wat sterk gerelateerd is aan onze kennis of ideeën over genderrollen. Denk maar eens aan de Engelse woorden doctor en nurse: de meesten van ons associëren deze beroepen in eerste instantie met respectievelijk mannen of vrouwen. Sommige talen hebben een grammaticaal gendersysteem met mannelijke en vrouwelijke categorieën. Als je Nederlands spreekt en je kapper is een vrouw, dan kun je de term kapster gebruiken (de grammaticaal vrouwelijke vorm). Het grammaticale gendersysteem kan dus gebruikt worden om direct te verwijzen naar een mannelijk of vrouwelijk persoon.

Als we onze taal van dichterbij bekijken, zien we op allerlei manieren verwijzingen naar gender.

In een experiment met Duitse en Nederlandse basisscholieren is onderzocht wat de  invloed is van grammaticaal gender op ons denken. Duits en Nederlands hebben allebei een grammaticaal gendersysteem, zoals te zien aan de woorden metselaars/Maurer (mannelijk) en metselaarsters/Maurerinnen (vrouwelijk). De keus tussen deze woorden wordt bepaald door of we het over mannen of vrouwen hebben. Maar de mannelijke vorm wordt niet alleen gebruikt om naar een groep mannen, maar ook om naar gemengde groepen (dus bestaande uit mannen en vrouwen) te verwijzen.

In een experiment kregen kinderen teksten te lezen over allerlei beroepen. Bij de ene helft van de kinderen werd naar de beroepen verwezen met de mannelijke vorm (metselaars), terwijl bij de andere helft de mannelijke en de vrouwelijke vorm samen werden gebruikt (metselaars en metselaarsters). Daarna moesten de kinderen vragen beantwoorden over de status en de toegankelijkheid van de beroepen. Kinderen die steeds de twee vormen tegelijk gelezen hadden, waren positiever over banen die stereotypisch geassocieerd worden met mannen: ze schatten hun kansen op een succesvolle carrière hoger in dan hun leeftijdsgenoten die alleen de mannelijke vorm gelezen hadden. Dit gold voor zowel jongens als meisjes, en daarom stellen de onderzoekers dat het gebruik van termen die zowel mannen als vrouwen expliciet benoemen jonge kinderen aanspoort om te denken: “YES I CAN!”

mason
Een metselaar aan het werk. Probeer maar eens plaatjes van metselaarsters op het internet te vinden… foto door: wikimedia

Onze hersenen zijn ook gevoelig voor gender in taal. In het Engels bestaat geen grammaticaal gendersysteem, maar een woord als doctor wordt typisch geassocieerd met mannen. Als gevolg daarvan hebben onze hersenen beetje meer moeite met het verwerken van zinnen als the doctor prepared herself for the operation (vergeleken met himself).

De precieze relatie tussen deze automatische reactie van onze hersenen en onze bewuste gedachtegangen en besluitvorming moet nog verder worden onderzocht. Maar in ieder geval leveren de hierboven besproken studies bewijs voor het idee dat onze taal ons denken beïnvloedt: Gender is aanwezig in bijna elke taal van de wereld, en de verschillende manieren waarop gender in taal is gecodeerd lijken invloed te hebben op onze ideeën over gender en (on)gepaste genderrollen.

 

 

 

 

Advertenties