Geschreven door: Yingying Tan
Vertaald door: Geertje van Bergen

Onze kennis over het brein is de agfelopen 10 jaar heel snel toegenomen. Steeds meer mensen houden zich bezig met de vraag hoe we onze hersenen kunnen boosten: hoe kunnen we slimmer, sneller en beter worden in ons dagelijks leven? Maar de vraag is of dat eigenlijk wel kan. Kunnen we ons geheugen, onze sociale vaardigheden, intelligentie, en ook onze taalvaardigheden verbeteren door bepaalde training of medicatie?

author_template_yingyingOnderzoekers zijn het er over eens dat onze taalvaardigheid, net als andere cognitieve vaardigheden, wordt beïnvloed door zowel genetische als omgevingsfactoren. Maar die genetische factoren zouden best eens een grotere rol kunnen spelen dan we tot nu toe dachten: de wetenschap heeft inmiddels aangetoond dat onze genen voor 70 – 80 procent onze intelligentie bepalen. Toch blijven we maar zoeken naar methoden om onze spreek- en luistervaardigheden te verbeteren, waarschijnlijk omdat taal zo’n belangrijke rol speelt in ons dagelijks leven. Google maar eens op ‘taalvaardigheid verbeteren’, en je wordt overladen met worskhops, cursussen en tips die een verbetering van je taalskills beloven. Maar zijn deze tips nou echt nuttig of betrouwbaar? Is er enig wetenschappelijk bewijs voor? Werken zulke algemene tips voor iedereen even goed, zelfs als ieders taalvaardigheidsniveau anders is?

Kunnen we ons geheugen, onze sociale vaardigheden, intelligentie, en ook onze taalvaardigheden verbeteren door bepaalde training of medicatie?

Misschien kunnen we juist beter bij die indivuele verschillen beginnen om erachter te komen hoe we onze taalvaardigheid kunnen verbeteren. Bewijs daarvoor komt uit psycholinguïstisch onderzoek. Er is bijvoorbeeld al vaak aangetoond dat er een sterke relatie is tussen iemands persoonlijke taalvaardigheid en de mate waarin iemand zijn aandacht kan controleren. Mensen die hun aandacht heel goed kunnen richten op informatie die relevant is voor een taak en irrelevante informatie goed kunnen negeren, blijken ook beter te zijn in het verwerken van taal. Deze mensen maken minder spraakfouten en hebben minder moeite met de interpretatie van zogenaamde “intuinzinnen”. Intuinzinnen zijn zinnen die in eerste instantie naar een bepaalde betekenis leiden, die dan later bijgesteld moet worden. Neem bijvoorbeeld een zin als De jongen verstopt achter de kast werd als laatste gevonden. In eerste instantie lees je ‘verstopt’ waarschijnlijk als het hoofwerkwoord van de zin, maar zodra je ‘werd’ leest, moet je concluderen dat die eerste interpretatie niet de juiste was. Mensen die beter zijn in het controleren van hun aandacht zijn ook beter in het herinterpreteren van zulke intuinzinnen.

garden-path
Een typische intuinzin-situatie, ga je links of rechts? Originele foto door: karsten madsen

Als cognitieve vaardigheden dus invloed hebben op onze taalvaardigheid, kunnen we onze taalvaardigheid misschien wel verbeteren door die gerelateerde vaardigheden (zoals aandacht, motivatie en geheugen) te trainen. Onderzoekers van de Universiteit van Maryland hebben dat inderdaad aangetoond: proefpersonen begrepen zinnen beter en sneller als ze eerst werden getraind op aandachtscontrole. In ons eigen lab hebben we onderzocht hoe hormonen onze taalvaardigheid beïnvloeden. We hebben laten zien dat proefersonen na het innemen van oxytocine, een hormoon waarvan bekend is dat het de sociale motivatie verbetert en sociale angst verkleint, minder moeite hebben met zinnen die niet kloppen met hun kennis van de wereld (zoals Nederlandse treinen zijn wit). Mensen die in plaats van oxytocine een placebo kregen toegediend, vonden zulke zinnen minder acceptabel. De verklaring hiervoor is dat mensen onder invloed van oxytocine meer geneigd zijn om andere werelden en mogelijkheden te onderzoeken, en meer open staan voor nieuwe scenario’s.

 

oxitocina_small
Het oxytocine molecuul. Foto door wikipedia.

Wat leren we hier nu van? We kunnen in ieder geval zeggen dat taal geen onafhankelijk gebied in de hersenen is dat zijn eigen ding doet, maar dat het sterk verbonden is met een groot aantal andere cognitieve processen, zoals aandacht en geheugen. Door al die verbindingen is het logisch dat het verbeteren van een van die processen ook invloed heeft op onze taalvaardigheid en andersom. Dus als je een slimmere spreker of luisteraar wilt worden, probeer dan ook je andere cognitieve vaardigheden te trainen, en zo je persoonlijke taalvaardigheidstraining zo efficient mogelijk te maken!

 

Advertenties