Geschreven door: Flora Vanlangendonck

Om efficiënt te communiceren houd je best rekening met wie je gesprekspartner is, en wat diegene weet en waarneemt. Als iemand je de weg vraagt, leg je dat bijvoorbeeld anders uit aan iemand die de omgeving goed kent dan aan iemand die er voor het eerst is. Binnenkort verschijnt een artikel over een experiment waarin we hebben onderzocht hoe mensen hun taalgebruik aanpassen op basis van welke informatie ze delen met hun gesprekspartner.

Proefpersonen namen in tweetallen deel aan het onderzoek. Tijdens het experiment zagen ze tegenovergestelde zijden van een kast die objecten bevatte. De opdracht van de ene proefpersoon was om telkens een van de objecten te beschrijven zodat de andere proefpersoon dat object kon selecteren. Met een eye-tracker konden we de oogbewegingen meten van de persoon die de plaatjes beschreef.

Soms zag de proefpersoon die de objecten moest beschrijven extra objecten die de andere proefpersoon niet kon zien. Als je op het plaatje hieronder bijvoorbeeld het middelgrote glas (aangeduid met de rode cirkel) omschrijft voor iemand die aan de andere kant van de kast zit, moet je er rekening mee houden dat deze persoon het kleinste glas (hier aangeduid met het groene vierkant) niet kan zien. Als je rekening houdt met de ander, zou je het glas omschrijven als “het kleine glas”. Als je dat niet doet, zou je het omschrijven als “het middelgrote glas”, en weet de andere persoon niet welk glas je bedoelt. Hij of zij ziet namelijk slechts twee glazen! We wilden onderzoeken of proefpersonen in hun beschrijvingen van de objecten rekening houden met het feit dat de andere proefpersoon sommige objecten niet kan zien.

Flora

Uit dit experiment bleek dat mensen in hun beschrijvingen meestal, maar niet altijd rekening houden met wat hun gesprekspartner kan zien. Soms zeiden ze dus bijvoorbeeld toch “het middelgrote glas” voor het voorbeeld hierboven. Op basis van hun oogbewegingen konden we zien dat mensen terwijl ze plannen wat ze willen zeggen al vroeg een onderscheid maken tussen informatie die ze wel of niet delen met hun gesprekspartner. Uit deze resultaten blijkt dat mensen gevoelig zijn voor wat hun gesprekspartner weet en daar zo veel mogelijk rekening mee houden in hun taalgebruik.

Advertenties