Zoals al eerder was te lezen op hettaligebrein.nl, is het Max Planck Instituut voor Psycholinguistiek een nieuw project begonnen: een database met alledaagse vragen over taal. De vraag van deze week is: is er een snelle methode om mijn Engelse vocabulaire uit te breiden?? Lees hieronder het antwoord. Meer vragen en antwoorden vind je hier.

Het leren van een nieuwe taal is niet makkelijk, met name omdat dit veel van ons geheugen vergt. Hoewel er geen universele ‘best practice’ bestaat, kun je met behulp van een aantal goede strategieën een stuk efficiënter nieuwe woorden leren.

De gebruikelijke methode om vanaf niets een vocabulaire op te bouwen is door de nieuwe woorden uit de te leren taal naar de eigen taal te vertalen. Dit is vooral een goede methode voor twee talen die gerelateerd zijn aan elkaar, zoals het Nederlands en het Duits.  Echter, wanneer de twee talen niet aan elkaar gerelateerd zijn, zoals Engels en Chinees, is deze methode te indirect. Het leerproces wordt in dergelijke gevallen veel efficiënter wanneer de vertaalstap wordt overgeslagen en de nieuwe woorden direct aan objecten of handelingen gekoppeld worden. Veel bekwame tweede-taalsprekers komen regelmatig woorden tegen waar geen adequate vertaling voor bestaat in hun moeder taal. Hieruit blijkt dat deze woorden niet eigen zijn gemaakt door middel van vertaling, maar geleerd zijn in de context van de nieuwe taal.

engelsvoca

Om de vertaalstap in een vroeg stadium van het leerproces over te slaan, kan het helpen om je in te beelden hoe het woord er uitziet (of aanvoelt, ruikt, of beweegt) wanneer je het hoort of uitspreekt. Op deze manier wordt het nieuwe woord gekoppeld aan de verbeelding die dit woord bij je oproept. Met deze techniek imiteer je als het ware de manier waarop een kind een nieuwe taal leert. Een andere manier om sneller woordjes te leren is door begripsmatig aan elkaar gerelateerde woorden te groeperen en die tegelijkertijd te oefenen. Zo kun je bijvoorbeeld alle objecten en gebeurtenissen die met vervoer te maken hebben benoemen wanneer je op weg naar huis gaat, of aan de eettafel proberen alle objecten te benoemen die je op dat moment ziet. Waar het om gaat is dat je de nieuwe taal direct betekenis geeft, in plaats van haar probeert te begrijpen door middel van een ander medium, zoals de moedertaal. In een wat meer gevorderd stadium kun je gebruik maken van een eentalig woordenboek, zoals Thesaurus in het Engels. Hiermee zoek je de betekenis van nieuwe woorden rechtstreeks op en maak je dus geen gebruik van de vertalingen uit een tweetaling woordenboek.

Ook het aanwenden van een methode genaamd ‘interval leren’ kan behulpzaam zijn. Interval leren is een getimede routine. Nieuw materiaal (zoals een set woorden in een taal die je aan het leren bent) wordt in drie getimede blokken en tussenliggende pauzes van 10 minuten geïntroduceerd, bestudeerd en herhaald. Het is belangrijk dat de afleidingsactiviteiten die tijdens de pauzes worden uitgevoerd totaal ongerelateerd zijn aan het studie materiaal, zoals lichamelijke oefeningen. Laboratoriumonderzoek heeft aangetoond dat zulke herhaalde stimuli met tussenliggende pauzes resulteren in lange-termijn verbindingen tussen neuronen in de hersenen. Dit zorgt dan weer voor lange-termijn opslag in het geheugen. Dergelijke processen vinden al plaats op een tijdsschaal van minuten en dit is niet alleen in mensen, maar ook in andere dieren aangetoond.

Aan vergeten en fouten maken ontkom je niet als je nieuwe dingen probeert te leren, maar hoe vaker je de woorden die je leert gebruikt, hoe beter je ze zult onthouden.

Bron: http://www.mpi.nl/q-a/vragen-en-antwoorden

Advertenties