autAutisme Spectrum Stoornissen (ASS) is een categorie van stoornissen die gekarakteriseerd wordt door problemen in het contact met andere mensen en het ontwikkelen van relaties. Ook vertonen mensen met ASS repetitieve patronen van gedrag, bijvoorbeeld het herhalen van bewegingen of starre dagelijkse routines. Ongeveer 1% van alle kinderen wordt gediagnostiseerd met ASS. ASS is een ontwikkelingsstoornis, wat betekent dat iemand de stoornis zijn hele leven houdt. Ongeveer de helft van alle mensen met ASS heeft een normale of bovengemiddelde intelligentie kan studeren, werken en een zelfstandig leven leiden. Deze groep heeft echter wel veel speciale training nodig om te leren om te gaan met andere mensen, om vrienden te maken en om alledaagse situaties op te lossen.

De oorzaak van ASS is nog onbekend. Er zijn verschillende theorieën die de symptomen van ASS proberen te verklaren. De ‘central coherence’ theorie van Uta Frith stelt dat mensen met ASS beter zijn in het concentreren op details , maar aan de andere kant de neiging hebben om het grotere geheel te negeren. De ‘theory of mind’ theorie van Simon Baron-Cohen stelt dat mensen met ASS problemen hebben om de gedachten, wensen en intenties van andere mensen te begrijpen. Aan de andere kant zijn mensen met ASS wel bijzonder goed in het begrijpen van systemen die werken volgens bepaalde regels of algorithmes, zoals computerprogramma’s. Peter Hobson suggereert dat mensen met ASS problemen hebben met het herkennen en begrijpen van emoties. Dit stelde hij vast nadat hij kinderen met en zonder ASS vergeleken had in hun vaardigheid om emoties te herkennen op foto’s of bij het horen van spraakopnames.

Al deze theorieën houden zich elk bezig met slechts één aspect van ASS. En zoals uit het voorgaande blijkt, begrijpen we ASS nog steeds niet helemaal. Maar er is de afgelopen twintig jaar wel veel vooruitgang geboekt. Mensen zijn zich meer bewust van ASS en er zijn betere interventies en therapieën beschikbaar om mensen met ASS te helpen met hun problemen en hun integratie in de samenleving.

Het meest voorkomende symptoom bij kinderen waardoor ouders zich afvragen of hun kind misschien ASS heeft, is een vertraagde en abnormale taalontwikkeling. We leren onze taal door de interactie met andere mensen – daarom is het niet verrassend dat kinderen met ASS hier moeilijkheden mee hebben. Een veelvoorkomend probleem dat kinderen met ASS hebben, is begrijpen waarom zij zichzelf ‘ik’ moeten noemen terwijl anderen hen juist aanspreken met ‘jij’ of soms ook ‘hij’ of ‘zij’. Wanneer mensen met ASS opgroeien, halen zij hun leeftijdsgenoten meestal in en bereiken een gelijk niveau van taalontwikkeling. Echter, sommige aspecten van taal, zoals ironie, humor en metaforen blijven lastig.

Alina Lartseva is promovenda in het Neurobiology of Language department van Peter Hagoort. 

Advertenties